Direct naar de inhoud

12 augustus 2026

Interview voorzitter BOVAK

Voorzitter BOVAK (Nationale Bond van Kermisbedrijfhouders) Atze J. Lubach-Koers:

‘Kermis vieren zit in het DNA van de Horinees’

Wie Kermis Hoorn bezoekt ziet fonkelende lichtjes, spectaculaire attracties en een historische binnenstad die tien dagen lang verandert in één groot feest. Achter die magie schuilt een bijzondere wereld van vakmanschap, ondernemerschap en een manier van leven die van generatie op generatie wordt doorgegeven. Atze J. Lubach-Koers, voorzitter van de BOVAK (Nationale Bond van Kermisbedrijfhouders), kent de Nederlandse kermiswereld als geen ander. Voor Kermis Hoorn heeft hij een bijzondere waardering. ‘Kermis vieren midden in een authentieke binnenstad behoort tot onze kermiscultuur. Dat bepaalt mede de unieke sfeer.’

De magie van de historische binnenstad

Smalle straatjes, historische gevels en eeuwenoude pleinen vormen in Hoorn het decor voor ultramoderne attracties. Juist dat contrast maakt Kermis Hoorn volgens Atze zo bijzonder.
‘Vroeger kwamen we met katoenen doek en houten palen en maakten we daar onze kermistenten van. Tegenwoordig zijn het ultramoderne attracties van groot formaat.

Maar nog steeds staan we op die pleinen en moeten we door die smalle straten alle plekken in de stad bereiken. Dat is de magie van kermis.’ Die magie is misschien wel het duidelijkst zichtbaar op de Roode Steen. Tot laat op de zondagavond draait daar de kermis op volle toeren. Slechts enkele uren later moeten grote attracties als de Phantom XXL en de Break Dance alweer verdwenen zijn om plaats te maken voor de Lappendag. ‘Na een paar uur is alles weg en wordt het weer een rustig stadsplein. Dat vind ik nog altijd prachtig. Kermis brengt op allerlei manieren levendigheid en vertier.’

Passen, meten en héél veel precisie

Dat zo’n historische binnenstad ook de nodige uitdagingen met zich meebrengt, spreekt voor zich. Grote trailers dienen zich een weg te banen door smalle straten, terwijl het gewone stadsleven ondertussen doorgaat. ‘Het is passen en meten en het vergt geduld. Tijdens de opbouw is de binnenstad een soort mierennest van vrachtwagenbewegingen. Soms moeten we op elkaar wachten en het manoeuvreren met al die trailers vraagt veel precisie.’ Ondertussen doen mensen gewoon hun boodschappen, zijn winkels geopend en vindt ook de weekmarkt plaats. Juist daardoor begint voor Atze het spektakel eigenlijk al vóór de officiële opening. ‘Het is een kakofonie. Mensen staan te kijken wanneer al die grote spullen worden opgebouwd. Dan is de kermis nog niet eens begonnen en is er al van alles te zien. Dat doet denken aan vroeger, toen de komst van de kermis op zichzelf al een belevenis was.’

Sociale cohesie in een vertrouwde binnenstad

Dat Hoorn en zijn kermis een bijzondere band hebben, staat voor Atze buiten kijf. De kermis is hier veel meer dan een verzameling attracties. ‘Kermis zit in het DNA van het Hoornse publiek. Samen met de Lappendag hoort het bij het historische besef van de stad. Het gaat bovendien niet alleen om de attracties, maar ook om het programma eromheen, waarbij iedereen – van de allerkleinsten tot en met de senioren – actief bij het feest wordt betrokken. Ouderendag, Roze Maandag, de Prikkelarme Kermis, het Vuurwerkspektakel en alle andere tradities maken Kermis Hoorn volgens hem tot een echt volksfeest. ‘De mensen omarmen dit feest nog altijd. Je ontmoet elkaar op de kermis. Er ontstaan vriendschappen en er ontstaan liefdes. Dat was vroeger al zo en dat is tegenwoordig nog steeds zo. Die sociale cohesie in zo’n vertrouwde binnenstad maakt het heel anders dan een evenement op een willekeurig terrein. De kermis hoort echt bij het centrum van Hoorn.’

Branche die blijft vernieuwen

Wie denkt dat kermis iets van vroeger is, hoeft volgens de BOVAK-voorzitter maar één blik op de Hoornse skyline te werpen. Hij is trots op de investeringsdrang binnen de branche. Niet alleen compleet nieuwe attracties, maar ook grondige revisies, restylings en moderne verkoopzaken laten zien hoeveel ondernemers voortdurend in hun bedrijven investeren. In Hoorn zijn daar volop voorbeelden van te vinden. Atze wijst onder meer op spectaculaire blikvangers zoals de Jester, Phantom XXL en Airborne. Ook is hij trots op de belangrijke rol die Nederlandse attractiebouwers internationaal spelen. ‘Het gros van de attracties die hier de skyline bepalen, wordt gewoon in Nederland gebouwd. Ook internationaal zie je hoe sterk Nederlandse fabrikanten vertegenwoordigd zijn. Daar mogen we best trots op zijn.’

Een compleet dorp reist mee

Achter alle lichtjes en muziek gaat ondertussen een wereld schuil die bezoekers maar zelden te zien krijgen. Kermisexploitant zijn is volgens Atze namelijk veel meer dan een beroep. ‘Het is een levensstijl. Een manier van leven. Daar is geen opleiding voor, het zit in je DNA.’ Week na week trekt de reizende beroepsbevolking van dorp naar stad en van kermis naar kermis. Niet alleen de attracties reizen mee. Ook gezinnen, medewerkers en soms grootouders trekken gezamenlijk door het land. Voor de kinderen is er de rijdende school. ‘Met de kermis komt eigenlijk een compleet dorp mee. We reizen met onze gezinnen en onze medewerkers. Ook wij moeten boodschappen doen, naar de kapper of soms naar een dokter. Dat normale leven verplaatst zich bij ons iedere week naar een ander dorp of een andere stad. Dat is gewoon ons leven.’

Volksfeest dat toegankelijk hoort te blijven

Tegelijkertijd staat de branche voor flinke uitdagingen. Stijgende kosten voor onder meer energie, brandstof en transport zetten ondernemers onder druk, terwijl enorme investeringen nodig blijven om attracties te vernieuwen. Daarbij wil de branche volgens Atze één ding vooral niet uit het oog verliezen: de kermis moet toegankelijk blijven voor een breed publiek. ‘Wij realiseren ons heel goed dat we een volksfeest zijn. We willen iedereen kunnen bedienen en dus ook betaalbaar blijven. De kosten nemen echter enorm toe. De uitdaging is om de kermis ondanks die stijgende kosten bereikbaar te houden voor het grote publiek.’ Dat het fenomeen kermis volgens sommige critici achterhaald zou zijn, bestrijdt hij dan ook met overtuiging. ‘De enorme belangstelling bewijst elk jaar opnieuw het tegendeel.’

Ultieme Nederlandse kermis

Wat zou Atze zeggen tegen iemand die Kermis Hoorn nog nooit heeft bezocht? Daar hoeft hij niet lang over na te denken. ‘De stad Hoorn is van zichzelf al ongelooflijk mooi en een enorme bezienswaardigheid. Wanneer de kermis met al haar attracties, kleuren, lichtjes en muziek bezit neemt van die binnenstad… ja, dan is dat de ultieme manier waarop wij in Nederland kermis vieren.’ Een mooier compliment kan Kermis Hoorn eigenlijk niet krijgen.